GPS

14 december 2016

Een in België gevestigde importeur van pompen en onderdelen koopt op basis van de Incoterm FOB Japan, wat dat dan ook moge inhouden, normaal gesproken dient er een havenplaats vermeld...

Read more

Mijn ervaring in de praktijk leert, dat het op een juiste wijze overeenkomen en toepassen van algemene voorwaarden en alles wat daarbij verder nog om de hoek komt kijken nogal eens fout gaat, zo ook in het navolgende geval.
Een zending elektronica  met een gewicht van 21 kg wordt vanuit het Verre Oosten per vliegtuig vervoerd naar Schiphol en aldaar door een luchtvrachtexpediteur in ontvangst genomen en in zijn loods opgeslagen voor verdere uitlevering aan een in Nederland gevestigde ontvanger, waarvoor de expediteur al enige tijd werkzaamheden verricht.
Op enig moment komt van de ontvanger het verzoek deze zending uit te leveren, maar het blijkt, dat deze zich niet langer in de loods bij de expediteur bevindt. Met andere woorden de zending is “een beetje zoek”!
De ontvanger stelt de expediteur aansprakelijkvoor de door hem geleden schade, het gaat hier om een bedrag van ongeveer Euro 38.000,--.
De expediteur wijst op grond van de Nederlandse Expeditie voorwaarden iedere aansprakelijkheid voor het ontstaan van deze schade van de hand en merkt daarbij gelijk op, dat indien mocht blijken dat er aansprakelijkheid aan zijn zijde hiervoor zou bestaan, dat deze slechts beperkt is tot een bedrag van ongeveer Euro 95,00, hetgeen gebaseerd is op het gewicht en de beperking volgens de eerder genoemde voorwaarden.  De ontvanger wordt “subtiel” het zogenaamde bos ingestuurd.
De ontvanger krijgt door dit ingenomen standpunt van de expediteur spontaan last van maagzuur  en schakelt een advocaat in om de schade te verhalen op de expediteur.
Na enige prettige briefwisselingen en uitwisseling van standpunten tussen partijen komt het uiteindelijk tot een procedure voor de Rechtbank.
Tijdens de gevoerde procedure komt naar voren, dat de expediteur nimmer de Nederlandse Expeditie voorwaarden aan de ontvanger ter hand heeft gesteld.  Verder blijkt, dat de expediteur op zijn briefpapier naar verschillende stelsels van algemene voorwaarden verwijst.
De Rechtbank buigt zich verdere over dit geschil en komt tot het oordeel, dat de Nederlandse Expeditie voorwaarden niet zijn overgekomen tussen partijen. Verder oordeelt de Rechtbank, dat geen van de genoemde dan wel vermelde algemene voorwaarden door de expediteur ter uitsluiting of beperking van zijn aansprakelijkheid ingeroepen kunnen worden.  De expediteur geeft namelijk  op zijn briefpapier niet aan welke voorwaarden precies gelden voor welke specifieke werkzaamheden.
De Rechtbank schuift daarom alle voorwaarden ter zijde en veroordeelt de expediteur tot  betaling van de volledige schade, die door de ontvanger in dit geval is geleden.

 

Al met al is dit voor de expediteur een dure les en daar komt nog boven op, dat deze zijn briefpapier  zal moeten aanpassen.  Uiteindelijk werd hij het bos ingestuurd.
Het vermelden op briefpapier van verschillende stelsels van algemene voorwaarden is dus niet aan te bevelen!