GPS

14 december 2016

Een in België gevestigde importeur van pompen en onderdelen koopt op basis van de Incoterm FOB Japan, wat dat dan ook moge inhouden, normaal gesproken dient er een havenplaats vermeld...

Read more

Een Nederlandse groothandel in pootaardappelen verkoopt begin december 2006 een tweetal partijen pootaardappelen op basis van de handelskoopconditie CIF Port Piraeus aan een Griekse ontvanger. De betreffende partijen worden in een drietal droge lading containers geladen en op 18 december 2006 via Antwerpen verscheept naar Piraeus.

Het schip komt op 2 januari 2007 aan in de haven van Piraeus, alwaar blijkt, dat de havenarbeiders staken vanwege een door de Griekse overheid voorgenomen plan tot privatisering van het havenbedrijf over te gaan.
Als gevolg hiervan is congestie ontstaan en werd al op 1 december 2006 een achterstand van ongeveer 5.000 containers gemeld.
In verband dient echter te worden vermeld, dat de staking en de daarmee samenhangende acties al vanaf 17 november 2006 aan de gang was.

Door de vertraagde aflevering van de containers als gevolg van deze staking, ontstond er zweetschade en zijn de pootaardappelen gaan spruiten, waarbij er tevens verkleuring optrad.
Dit alles bij elkaar genomen mondde uit in een behoorlijke schade.

Op grond van de gehanteerde handelskoopconditie CIF had de verkoper van deze partijen de verplichting om ten behoeve van de koper een transportverzekering af te sluiten.
Deze verzekering werd afgesloten op basis van de “All Risks” inclusief het risico van bederf, mits de verzekerde zaken worden verscheept in een geconditioneerde container met temperatuurregistratie, zoals bijvoorbeeld een Ryan recorder. Het Oorlogs- en Stakersrisico werd op basis van de zogenaamde Molestclausule M3 verzekerd.

Deze clausule verstaat onder stakersrisico:

  • gewelddaden gepleegd in verband met staking, uitsluiting van werknemers en arbeidsonlusten;
  • gewelddaden gepleegd uit politieke overwegingen;
  • oproer, opstootjes en plaatselijke ongeregeldheden.

 

Eén en ander voor zover niet vallende onder oorlogsrisico.

De ladingbelanghebbende dient een claim in onder de afgesloten transportverzekering.
De betrokken verzekeraars wijzen echter deze schade af onder de polis, daar volgens de aangehechte Molestclausule M3 verliezen, materiële schade en onkosten door vertraging, veroorzaakt door vertraging, veroorzaakt door een bij deze clausule gedekt evenement niet worden vergoed. Dit nog los van het feit, dat de pootaardappelen niet zijn verscheept in een geconditioneerde containers.

Zouden de stakers bijvoorbeeld de containers hebben opgebroken en de zakken met pootaardappelen in de haven hebben gegooid, dan zou er sprake geweest zijn van materiële schade (gewelddaden gepleegd in verband met staking) en viel deze schade onder de dekking van de polis.

Zoals al eerder opgemerkt was de staking vanaf 17 november 2006 aan de gang en had de ingeschakelde expediteur hiervan op de hoogte moeten zijn en de betrokken partijen hierover moeten informeren, zodat deze zending niet of op andere wijze naar Griekenland getransporteerd had kunnen worden.

Deze expediteur is wel voor de schade aangesproken, maar het is nog maar de vraag, gelet op de gehanteerde expeditievoorwaarden, of een en ander tot het gewenste resultaat voor de ladingbelanghebbende zal leiden.